4. Begrijpend lezen, vier aandachtspunten

Om de Bijbel goed te kunnen begrijpen is het belangrijk om te zien waar en wanneer de tekst geschreven is. Maar je moet ook uitzoeken aan wie het geschreven is en waarom. Hoe begrepen die mensen de tekst? Er zijn veel dingen die wij vandaag de dag anders zien of anders begrijpen. Zo kunnen er specifieke bewoordingen zijn die de schrijver gebruikte. Waren er misschien bepaalde uitdrukkingen die zij toen gebruikten, waar wij eerst kennis van moeten nemen? We willen er niet onze eigen draai aan geven, maar we willen weten wat de schrijver bedoelde. En wat staat er eigenlijk in de oorspronkelijke taal? Wat begrepen de mensen in die tijd wanneer er een bepaald woord gebruikt werd?

Zo hebben we dan de volgende aandachtspunten bij het lezen van teksten:

Context – waar en wanneer is het geschreven?

Doelgroep – aan wie is de tekst gericht en wat kunnen we daarvan leren?

Bewoordingen – zitten er bepaalde zegswijzen, of woordspelingen in die niet letterlijk vertaald kunnen worden, of anders begrepen moeten worden?

Oorspronkelijke taal – wat zijn de betekenissen van de woorden en wat is dan de juiste vertaling? Een vraag die ik altijd stel is deze: kan de schrijver het ons zelf uitleggen? Zijn er andere plaatsen waar hij dezelfde woorden gebruikt?

Kort, maar krachtig. In de volgende hoofdstukken werk ik dit verder uit.

VOLGENDE >

NAAR INDEX

240